Nieuwe uitkomsten van vervolgstudie op PALISADE Fase 3 betreffende AR101 voor pinda-allergie tonen verdere immunomodulatie door dagelijkse dosering gedurende meer dan één jaar

--Patiënten verdroegen tot 2.000 mg pinda-eiwit met minder bijwerkingen --

--Gunstige aanhoudende en opmerkelijke immunologische veranderingen waargenomen in de loop van de tijd--

LISSABON, Portugal--()--Aimmune Therapeutics, Inc. (Nasdaq: AIMT), een biofarmaceutisch bedrijf dat behandelingen ontwikkelt voor levensbedreigende voedselallergieën, heeft vandaag de resultaten bekendgemaakt van ARC004, een open-label rollover-studie van de baanbrekende PALISADE Fase 3-studie. Er is gebleken dat verlenging van de dagelijkse therapie met AR101 met nog eens 28 weken leidde tot een betere verdraagbaarheid met lagere aantallen bijwerkingen in vergelijking met de therapeutische doseringsperiode van de PALISADE-studie, een toename van de hoeveelheid pinda's die veilig kon worden gegeten en bij de meeste patiënten verdere immunomodulatie ten aanzien van pinda-eiwit. AR101 is een experimenteel biologisch medicijn voor gebruik bij orale immunotherapie als een behandeling om de frequentie en ernst van allergische reacties na blootstelling aan pinda's te verminderen. Deze gegevens werden hier vandaag gepresenteerd tijdens een mondelinge sessie op het congres van de Europese Academie voor Allergie en Klinische Immunologie (EAACI) van 2019 in Lissabon.

Na voortzetting van de dagelijkse doses AR101 gedurende nog eens 28 weken kon de meerderheid van de patiënten die deelnamen aan de vervolgstudie doseringen van ten minste 1.000 mg pinda-eiwit verdragen, en bijna de helft van alle met AR101 behandelde patiënten verdroegen de hoogste dosis van 2.000 mg tijdens de afsluitende voedingstest. Bovendien bleven patiënten die deelnamen aan het onderzoek, betekenisvolle immunologische veranderingen waarnemen, wat de potentiële voordelen van doorlopende dagelijkse AR101-dosering na een jaar versterkte.

"De resultaten van deze vervolgstudie na de PALISADE-studie tonen aan dat AR101 in de loop van de tijd gunstige immunologische veranderingen tot stand kan brengen, waardoor patiënten hogere doses pinda-eiwit kunnen verdragen. Dit is een extra argument om dagelijkse toediening van AR101 na een jaar voort te zetten," aldus Katharina Blümchen, M.D., universitair hoofddocent en adviseur pediatrische pulmonologie en allergologie aan het Universitair Ziekenhuis Frankfurt in Duitsland.

Van de met AR101 behandelde patiënten in PALISADE die deelnamen aan het open-label uitbreidingsonderzoek, waarbij de veiligheid, verdraagbaarheid en immunologische veranderingen van voortgezette dagelijkse of niet-dagelijkse dosering met 300 mg AR101 werden beoordeeld, werden er 110 toegewezen aan het dagelijkse doseringsregime; 104 patiënten voltooiden de dubbelblinde, placebo-gecontroleerde voedingstest (DBPCFC) na 28 weken. De immunologische veranderingen ten aanzien van pinda-eiwit werden aan het eind van de PALISADE-studie en het eind van de verlengde toedieningsperiode gemeten met behulp van een pindahuidpriktest (SPT) en metingen van pindaspecifieke immunoglobuline E (psIgE) en immunoglobuline G4 (Ig4), elk een marker van immunologische veranderingen die optreden tijdens het desensibilisatieproces. Na 28 weken verlengde onderhoudsdosering AR101 toonden de resultaten:

Vermogen om pinda-eiwit te verdragen

  • 79,8% kon een testdosis van 1.000 mg verdragen.
  • 49% kon de hoogste testdosis van 2.000 mg verdragen.

Veiligheid

  • Een afname van alle bijwerkingen bij dezelfde deelnemers die dezelfde soorten bijwerkingen ervoeren als tijdens de therapeutische PALISADE-doseringsperiode en die ten minste één bijwerking meldden (PALISADE 88,2% t.o.v. ARC004 84,5%).
  • De ernst van de bijwerkingen (AE's) was vergelijkbaar tussen de twee onderzoeken, waarbij de meerderheid van de symptomen mild van aard was (PALISADE 54,5% t.o.v. ARC004 52,7%).
  • Slechts 2% van de patiënten die deelnamen, stopte met de behandeling tijdens de verlengde onderhoudsperiode vanwege bijwerkingen.

Immuunsysteemveranderingen ten opzichte van pinda-eiwit

  • De gunstige immunologische veranderingen voor de populatie van bestudeerde patiënten zetten door tijdens de extra dagelijkse doseringsperiode, zoals bevestigd door reducties in de diameter van de huiduitslag als gevolg van de huidpriktest en vermindering van de psIgE-niveaus en een overeenkomstige toename in IgG4; dit alles reflecteert een verdere maturatie van de desensibilisatie- en immuunmodulerende processen in reactie op AR101.
  • Voor een individuele patiënt leek het vermogen om meer pinda-eiwit te verdragen onafhankelijk te zijn van de waargenomen voortgezette immunomodulatie als gevolg van de voortgezette behandeling met AR101.
  • De uitkomsten van deze studie komen overeen met meldingen dat voor een individuele patiënt de psIgE- en SPT-niveaus niet noodzakelijk voorspellend zijn voor het vermogen van een patiënt om discrete hoeveelheden pinda te tolereren.

"Uit deze bevindingen blijkt dat de AR101-behandeling die tot in het tweede jaar verlengd werd het aantal bijwerkingen vermindert, het vermogen verhoogt om in de loop van de tijd zelfs hoge niveaus van blootstelling aan pinda-eiwit te verdragen, en de immuunrespons op pinda verder moduleert bij de meeste patiënten," stelt Daniel Adelman, M.D., Chief Medical Officer van Aimmune. "Bovendien laten deze resultaten zien dat meer dan drie van de vier patiënten die gedurende een periode van 12 maanden met AR101 zijn behandeld, potentieel baat kunnen hebben bij voortgezette therapie, met de verwachting dat ze hun vermogen om grotere hoeveelheden pinda-eiwit te verdragen, kunnen vergroten. Deze resultaten moeten voor enige gemoedsrust zorgen bij patiënten met een pinda-allergie en hun gezinnen."

Over PALISADE en de ARC004-vervolgstudie

In de internationale, gerandomiseerde, dubbelblinde, placebo-gecontroleerde PALISADE (Peanut Allergy oral Immunotherapy Study of AR101 for Desensitization) Fase 3-studie werden de werkzaamheid en veiligheid van AR101 bij patiënten met pinda-allergie beoordeeld. PALISADE werd uitgevoerd op 66 locaties in 10 landen in Noord-Amerika en Europa. Een totaal van 496 patiënten van 4 t/m 17 jaar werden 3:1 gerandomiseerd om AR101 of placebo te ontvangen, samen met 55 volwassenen van 18 t/m 49 jaar die geen deel uitmaakten van de primaire analyse. Om aan de inclusiecriteria van PALISADE te voldoen konden patiënten niet meer dan de dosis van 30 mg pinda-eiwit verdragen in een initiële dubbelblinde, placebo-gecontroleerde voedseltest (DBPCFC), die bestond uit opeenvolgende doses van 1, 3, 10, 30 en 100 mg pinda-eiwit, met een tussenpoos van 20 tot 30 minuten, zoals verdragen zonder dosisbeperkende symptomen. De patiënten die deelnamen aan PALISADE ondergingen een doseringsescalatieperiode van ongeveer 22 weken om een therapeutische dosis van 300 mg AR101 of placebo per dag te bereiken, en gingen vervolgens verder met een dagelijkse onderhoudsdosis van 300 mg AR101 of placebo per dag gedurende ongeveer zes maanden. Op dat moment ondergingen de patiënten een afsluitende DBPCFC die achtereenvolgende doses van 3, 10, 30, 100, 300, 600 en 1.000 mg pinda-eiwit testte, met een tussenpoos van 20 tot 30 minuten, en geassocieerd met slechts milde symptomen. Zowel de initiële als de afsluitende DBPCFC gebruikte een onafhankelijke, geblindeerde beoordelaar. Na het voltooien van de afsluitende DBPCFC werden de patiënten gedeblindeerd en kwamen ze in aanmerking voor rollover of crossover naar de klinische vervolgstudie ARC004, waar van toepassing.

Een subgroep van patiënten die de PALISADE Fase 3-studie voltooiden, kwam in aanmerking voor deelname aan ARC004, waarbij de veiligheid, verdraagbaarheid en immunologische veranderingen van voortgezette dagelijkse of niet-dagelijkse toediening van 300 mg AR101 werden beoordeeld. Immunologische veranderingen ten opzichte van pinda-eiwit werden aan het eind van de PALISADE-studie en het eind van de verlengde behandelingsperiode gemeten met behulp van een pindahuidprikproef en metingen van pindaspecifieke immunoglobuline E (psIgE) en immunoglobuline G4 (Ig4).

De volledige resultaten van de PALISADE-studie werden gepubliceerd in het New England Journal of Medicine in november 2018.1

Over pinda-allergie

Pinda-allergie is een van de meest voorkomende voedselallergieën en treft meer dan 6 miljoen mensen in de VS en Europa. Reacties op pinda's zijn vaak ernstig en mogelijk levensbedreigend. Pinda-allergie blijft meestal bestaan in volwassenheid2,3,4, 5 en is, hoewel zeldzaam, verantwoordelijk voor de meerderheid van de sterfgevallen die verband houden met voedselallergie.6 Er zijn geen goedgekeurde behandelingsmogelijkheden voor pinda-allergie.7 De standaard van zorg is een strikt eliminatiedieet en het tijdig toedienen van rescue-medicatie in geval van een allergische reactie als gevolg van accidentele blootstelling.8,9,10 Ondanks waakzaamheid kunnen accidentele blootstellingen optreden11 en reacties veroorzaken van onvoorspelbare ernst,12 leidend tot een levenslang risico op ernstige reacties.

Over AR101

AR101 is een nieuw, van pinda's afgeleid, experimenteel oraal biologisch geneesmiddel voor gebruik bij orale immunotherapie bij patiënten met pinda-allergie. Het medicijn, dat wordt gemaakt in overeenstemming met de huidige Good Manufacturing Practices (cGMP), levert een dagelijkse dosis pinda-eiwit met een consistent eiwitprofiel, geanalyseerd om een betrouwbaar gehalte van de belangrijkste allergenen te garanderen. Elke AR101-capsule bevat een gecontroleerde hoeveelheid actief ingrediënt, zodat een minimale variabiliteit van het allergeengehalte is gegarandeerd bij doses met een bepaalde sterkte. AR101 wordt toegediend als een oraal poeder in graduele doses in uittrekbare capsules of folielaminaatzakjes. De inhoud wordt grondig gemengd met een paar lepels voor de leeftijd geschikt, niet-verwarmd voedsel naar keuze van de patiënt.

De Biologics License Application (BLA) van Aimmune voor AR101 is in maart 2019 toegelaten voor beoordeling door de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA. Het Allergenic Products Advisory Committee (APAC) van de FDA zal de BLA voor AR101 beoordelen tijdens de vergadering die gepland is voor 13 september 2019. Het bedrijf is van plan medio 2019 een aanvraag voor een handelsvergunning (MAA) voor AR101 in te dienen bij het Europees Geneesmiddelenbureau.

Over Aimmune Therapeutics

Aimmune Therapeutics, Inc., is een biofarmaceutisch bedrijf dat orale behandelingen ontwikkelt voor levensbedreigende voedselallergieën. De Characterized Oral Desensitization ImmunoTherapy (CODIT™)-benadering van het bedrijf is erop gericht een zinvolle mate van bescherming te bieden tegen allergische reacties als gevolg van blootstelling aan voedselallergenen door patiënten te desensibiliseren met gedefinieerde, precieze hoeveelheden van belangrijke allergenen. Aimmune's eerste biologische product voor onderzoek, AR101, wordt ontwikkeld als een behandeling om de frequentie en ernst van bijwerkingen, inclusief anafylaxie, na blootstelling aan pinda's te verminderen. De BLA voor AR101 wordt momenteel beoordeeld door de Amerikaanse FDA, die in 2015 de status van doorbraaktherapie aan AR101 heeft verleend voor de desensibilisatie van patiënten met pinda-allergie van 4 t/m 17 jaar. Aimmune verwacht medio 2019 een aanvraag voor een vergunning voor het in de handel brengen van AR101 in Europa in te dienen. Aimmune heeft een IND-aanvraag ingediend voor haar tweede product, AR201, voor de behandeling van ei-allergie, en is voornemens om halverwege 2019 een gerandomiseerde klinische Fase 2-studie te starten. Ga voor meer informatie naar www.aimmune.com.

Toekomstgerichte verklaringen

Verklaringen in dit persbericht over aangelegenheden die geen historische feiten zijn, zijn 'toekomstgerichte verklaringen' zoals bedoeld in de ‘Private Securities Litigation Reform Act van 1995. Omdat dergelijke verklaringen onderhevig zijn aan risico's en onzekerheden, kunnen de werkelijke resultaten aanzienlijk verschillen van de resultaten die worden uitgedrukt of geïmpliceerd door dergelijke toekomstgerichte verklaringen. Dergelijke verklaringen omvatten, maar zijn niet beperkt tot, uitspraken met betrekking tot: Aimmune's verwachtingen met betrekking tot de potentiële voordelen van AR101, inclusief het potentiële voordeel van voortgezette therapie; Aimmune's verwachtingen met betrekking tot de beoordeling van de BLA voor AR101 door de FDA en APAC; Aimmune's verwachtingen met betrekking tot de geplande timing en indiening voor een vergunning voor het in de handel brengen van AR101 in Europa; Aimmune's verwachtingen over de timing van het starten van een klinische fase 2-studie voor AR201; en Aimmune's verwachtingen met betrekking tot mogelijke toepassingen van de CODIT™-benadering voor de behandeling van levensbedreigende voedselallergieën. Risico's en onzekerheden die bijdragen aan het onzekere karakter van de toekomstgerichte verklaringen omvatten: het vermogen van Aimmune of een van haar samenwerkingspartners om klinische studies te initiëren en/of te voltooien; de onvoorspelbaarheid van het regelgevingsproces; de mogelijkheid dat de klinische studies van Aimmune of een van haar samenwerkingspartners niet succesvol zullen zijn; Aimmune's afhankelijkheid van het succes van AR101; Aimmune's afhankelijkheid van derden voor de productie van de kandidaat-producten van Aimmune; mogelijke ontwikkelingen in de regelgeving in de Verenigde Staten en in het buitenland; en het vermogen van Aimmune om senior managementpersoneel aan te trekken en te behouden. Deze en andere risico's en onzekerheden worden vollediger beschreven in Aimmune's meest recente deponeringen bij de Securities and Exchange Commission, inclusief het kwartaalverslag op Formulier 10-Q voor het kwartaal eindigend op 31 maart 2019. Alle toekomstgerichte verklaringen in dit persbericht gelden alleen op de datum waarop ze worden gedaan. Aimmune neemt geen verplichting op zich om dergelijke verklaringen bij te werken om gebeurtenissen die zich voordoen of omstandigheden die bestaan na de datum waarop ze zijn gedaan, te weerspiegelen.

Dit persbericht betreft AR101, een kandidaat-product dat op dit moment klinisch wordt onderzocht, en AR201, een kandidaat-product waarvan Aimmune verwacht dat het in 2019 klinisch zal worden onderzocht. Voor AR101 noch AR201 is een vergunning verleend voor het in de handel brengen door de FDA of het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA). AR101 en AR201 zijn momenteel beperkt tot gebruik in onderzoeken en er wordt geen verklaring gegeven met betrekking tot hun veiligheid of doeltreffendheid voor de doeleinden waarvoor ze worden onderzocht.

Referenties

1 Vickery BP, Vereda A, Casale TB, et al. AR101 oral immunotherapy for peanut allergy. New Engl J Med. 2018; DOI: 10.1056/NEJMoa1812856.
2 Crespo JF, James JM, Fernandez-Rodriguez C, Rodriguez J. Food allergy: nuts and tree nuts. Br J Nutr. 2006; 96:Suppl 2:S95-S102.
3 Moreno MA. Guidelines for children with peanut allergy. JAMA Pediatr. 2017;171:100.
4 Skolnick HS, Conover-Walker MK, Koerner CB, Sampson HA, Burks W, Wood RA. The natural history of peanut allergy. J Allergy Clin Immunol. 2001;107:367-74.
5 Fleischer DM, Conover-Walker MK, Christie L, Burks AW, Wood RA. The natural progression of peanut allergy: resolution and the possibility of recurrence. J Allergy Clin Immunol. 2003;112:183-9.
6 Bock SA, Muñoz-Furlong A, Sampson HA. Fatalities due to anaphylactic reactions to foods. J Allergy Clin Immunol. 2001;107:191-3.
7 Yu W, Freeland DMH, Nadeau KC. Food allergy: immune mechanisms, diagnosis and immunotherapy. Nat Rev Immunol. 2016;16:751-65.
8 Boyce JA, Assa’ad A, Burks AW, et al. Guidelines for the diagnosis and management of food allergy in the United States: report of the NIAID-sponsored expert panel. J Allergy Clin Immunol. 2010;126:Suppl:S1-S58.
9 Sampson HA, Aceves S, Bock SA, et al. Food allergy: a practice parameter update — 2014. J Allergy Clin Immunol. 2014;134(5):1016-25.e43.
10 Muraro A, Werfel T, Hoffmann-Sommergruber K, et al. EAACI food allergy and anaphylaxis guidelines: diagnosis and management of food allergy. Allergy. 2014;69:1008-25.
11 Rimbaud L, Heraud F, La Vieille S, Leblanc J-C, Crépet A. Quantitative risk assessment relating to the inadvertent presence of peanut allergens in various food product. Int Food Risk Anal J. 2013;3:1-11.
12 Allen KJ, Remington BC, Baumert JL, et al. Allergen reference doses for precautionary labeling (VITAL 2.0): clinical implications. J Allergy Clin Immunol. 2014;133:156-64.

Deze bekendmaking is officieel geldend in de originele brontaal. Vertalingen zijn slechts als leeshulp bedoeld en moeten worden vergeleken met de tekst in de brontaal, die als enige rechtsgeldig is.

Contacts

Beleggers:
Eric Bjerkholt
(650) 376-5582 of
ebjerkholt@aimmune.com

Media:
Jerica Pitts
(312) 858-3469
jpitts@w2ogroup.com

Louise Strong
+44 203 808 6471
lstrong@w2ogroup.com

Contacts

Beleggers:
Eric Bjerkholt
(650) 376-5582 of
ebjerkholt@aimmune.com

Media:
Jerica Pitts
(312) 858-3469
jpitts@w2ogroup.com

Louise Strong
+44 203 808 6471
lstrong@w2ogroup.com